De kinderen leren begrippen kennen als 'groot', 'klein', 'zwaar', 'licht', etc. In de ruimte moeten zij op zoek naar voorwerpen die passen binnen de opdracht die is opgenomen op de spreekschijven. Het verzamelen kan aangepast worden aan iedere activiteit, bijvoorbeeld ook aan kleuren, vormen, dieren, etc.
Op iedere spreekpunt wordt een andere opdracht opgenomen en het is de bedoeling dat de kinderen op zoek gaan naar voorwerpen in de ruimte die voldoen aan de opdracht. Bij een grote groep kunnen er teams gemaakt worden en kun je de kinderen een bepaald tijdsbestek geven om de opdracht uit te voeren. Iedere groep heeft hierbij zijn eigen bak/mand/krat om de spullen in te verzamelen. Als de tijd is afgelopen, wordt er met elkaar geteld hoeveel voorwerpen zij hebben gevonden. Eventueel kan dit worden bijgehouden op een scoreblad en vervolgens kunnen de kinderen de voorwerpen weer terugleggen. Daarna wordt er gewisseld en schuiven de groepjes door naar het volgende spreekpunt. Opnieuw gaat de tijd lopen en verzamelen de kinderen voorwerpen die nu aan de opdracht voldoen. Indien mogelijk is het leuk als de spreekpunten in verschillende ruimtes worden verspreid, zodat de kinderen steeds opnieuw op zoek moeten naar andere voorwerpen die passend zijn bij de ingesproken opdracht. Zo zijn er in iedere ruimte weer andere voorwerpen te vinden. Eventueel kunnen kinderen betrokken worden bij het bedenken van de opdrachten die worden ingesproken.